10.5.3.2 Luchtdoorlatendheid

Een goede luchtdichtheid is essentieel voor het energiegebruik en ook voor de behaaglijkheid in een ruimte. De binnendichting is hierin essentieel. Deze moeten aaneen sluiten en goed dichten om geen luchtlekkages te verkrijgen.

Glasdaken dienen beproefd te worden op luchtdoorlatendheid. Er dient aangetoond te worden hoeveel luchtlekverlies er bij bepaalde druk plaatsvindt.

Hiervoor moeten deze in helling van 15° getest worden volgens EN 1026:2000 Ramen en deuren-Luchtdoorlatendheid-Beproevingsmethode en geclassificeerd worden volgens EN12207:1999 Ramen en deuren-Luchtdoorlatendheid-Classificatie. In de test moeten de standaard aansluitingen getest worden. Dat wil zeggen een nok-, voet- en kantlijstaansluiting. Tevens dient een dwarsroede in het te testen deel verwerkt te zijn.

In NEN 2778 tabel 2 staat omschreven aan welke toetsingsdruk in Pa minimaal voldaan moet worden. Voor glasdaken is echter een minimale eis van 600 Pa aan te bevelen en verder de getallen als vernoemd in NEN 2778.